“We hebben besloten een korte verklaring af te leggen om enkele vragen op te helderen en de leugens die priester Cesare Lodeserto in deze rechtbank bij het laatste verhoor verteld heeft te ontzenuwen.

Ten eerste willen we woorden, die een precieze inhoud bevatten, hun ware betekenis teruggeven; maar waar de intentie is de realiteit te verhullen, is de eerste stap het een andere naam geven en schudden totdat het iedere relatie verliest met de waarheid. Dit is een zeer algemene praktijk deze dagen, waar neo-taal wijd verspreid is, waar oorlog voeren ‘vredes missies’ of ‘humanitaire operaties’ worden en detentie centra voor immigranten ‘welkomst centra’. Evenzo noemt vader Cesare de gevangenen in het Regina Pacis kamp ‘gasten’ en spreekt over een systeem van ‘passieve surveillance’. Het is tamelijk vreemd dat deze ‘gasten’ in de gaten werden gehouden door een video-surveillance systeem, dat de politie moest ‘ingrijpen in het kamp’(om Lodestro te quoten), dat arrestaties structureel werden uitgevoerd en dat ‘de mensen in het kamp werden geregistreerd volgens de regelementen die normaliter worden gehanteerd in dergelijjke structuren’. Om precies te zijn, werden de immigranten geregistreerd en vermeld als goederen. Gevangenen zijn ook geregistreerd, en deportanten in Nazi concentratie kampen werden eveneens vermeld en geregistreerd.

Om te vervolgen, zowel vader Cesare en de inquisiteurs beweren dat de opstanden in het Regina Pacis kamp uitbraken toen anarchisten buiten die verschrikkelijke plek demonstreerden. Wij zijn niet geinteresseerd in te horen dat we in staat waren tot zulks; in tegendeel, als anarchisten proberen we ieder instrument aan te grijpen dat bruikbaar is om in te grijpen in een realiteit die wij onaanvaardbaar vinden. De kern is tamelijk anders en tevens, laten we zeggen, banaal: opstanden breken spontaan uit daar waar waardigheid wordt verpletterd en het leven geschoffeerd. Deze eenvoudige waarheid wordt wijds vertoont door het verhaal van totalitaire instanties in het algemeen en het Regina Pacis kamp in het bijzonder, zoals wordt bewezen door een zeer lange lijst van gebeurtenissen. Het is daarom de zelfbeschikking van individuen en niet het kunnen van anarchisten dat alle individuele en collectieve opstand oprakelt.

Tenslotte willen we ophelderen wat vader Cesare beweerde, refererende aan een gebeurtenis die zich voordeet op 10 Augustis 2004, als gevolg waarvan een Roemeen achter in de twintig, Vasile Costantin, totaal verlamd is gebleven. We zullen niet bediscussiëren of wat deze man verklaart waar is of niet (dat hij in elkaar geslagen werd door de smeris, terwijl hij op de grond lag na uit het hek te zijn gevallen; we kennen zulke tedere behandelingen van de politie maar al te goed), we willen slechts duidelijk maken dat vader Cesare of wie dan ook die werkzaam was in het Regina Pacis kamp deze man nooit of te nimmer ‘op iedere mogelijke manier heeft geholpen’, zoals genoemde verklaarde. In tegendeel, de jonge Roemeen werd volledig in de steek gelaten door de operateurs van het kamp, die eenvoudigweg zijn vrouw in Roemenië informeerde dat hij stervende was, zonder verder met haar in contact te treden. Vasile, bekend als Vali, werd in het ziekenhuis van Lecce bezocht door enkele kameraden die hem verwarmden met liefde en genegenheid, vanuit authentieke solidariteit, die vreemd is van economische en persoonlijke belangen is. Deze kameraden en andere gevoelige mensen hebben het voor elkaar gekregen Vali in een gespecialiseerde kliniek voor rehabilitatie van de ruggengraat in Imola te krijgen, waar hij enkele maanden heeft kunnen verblijven, zonder, helaas, veel te herstellen. Dezelfde mensen zetten hun steun voor Vali voort nu hij terug is in Roemenië. We zeggen dit niet omdat we te boek willen staan als liefdadige mensen of omdat we geëerd willen worden met medailles die we verachten, maar omdat we de waarheid willen vestigen en vader Cesare’s sluier van leugens weg willen trekken. Laatstgenoemde heeft Vali slechts een bezoek gebracht in het ziekenhuis nadat hij vernomen had dat de anderen al gewesst waren, omdat hij wilde weten wie deze mensen waren.

Rudolf Hess, een commandant in concentratie kamp Auschwitz, schreef in zijn memoires tijdens zijn detentie in Polen, in afwachting van zijn executie: ‘Ik ben nooit ongevoelig geworden voor menselijk lijden: Ik heb het altijd gezien, en leed eronder. Ik moest het vermorzelen, omdat ik niet zacht mocht zijn’. Tevens schepte hij op dat hij nimmer persoonlijk een gevangene in elkaar had geslagen in het kamp. Vader Cesare daarentegen, kan zelfs dat niet eens zeggen. Dat is alles.

Saverio
Annalisa
Marina
Cristian
Laura
Salvatore

Advertenties